Wat doet Oxfam in West-Afrika

Juli 2005 - “Het is ongelooflijk dat we nu vlees kunnen eten”, zegt Khadydiatou Labarang, een Hausavrouw uit Niger. “Wij hebben de voorbije maanden echt afgezien. Dikwijls hadden we amper een maaltijd per dag.” Het regenseizoen is begonnen in West-Afrika. Misschien is dit de voorbode van een goede oogst begin oktober.
Met het regenseizoen komen helaas ook meer risico’s op ziekten zoals malaria en diarree; deze keer kunnen die fataal zijn voor de totaal ondervoede mensen. De veestapel krimpt ook nog voortdurend, de dieren zijn uitgeput en de eerste jonge grassprieten volstaan niet om de kudden die met uitroeiing bedreigd zijn te laten aangroeien. De herders beoefenen geen landbouw en door het verlies van hun dieren raken ze nu ook hun bestaansmiddelen kwijt.
Hulp dringend nodig: uw steun redt levens. Schenk nu!
De toestand blijft kritisch in het zwaar getroffen Niger, maar ook in Mali waar de hongersnood dreigt indien de hulp niet blijft komen. Dankzij de helaas laattijdige berichten via de media komt er eindelijk meer reactie op de oproepen die de Verenigde Naties en het Wereldvoedselprogramma vele maanden geleden gelanceerd hebben. Maar de reacties blijven ondermaats en volstaan niet om adekwaat hulp te bieden.
In Niger
Oxfam werkt er samen met AREN (Vereniging voor de bevordering van de veeteelt in Niger) om een noodhulpprogramma uit te voeren.
De activiteiten: Vouchers voor werk (VVW) en het opkopen van vee.
De begunstigden: 130.711 getroffenen zijn betrokkenen bij VVW; 3.000 verzwakte dieren worden opgekocht voor 28.000 getroffenen.
De activiteiten startten 2 weken geleden in de agrarische gebieden en weilanden ten oosten van Tahoua, ten noorden van Maradi en ten noorden van Tillaberi. 1.000 stuks vee werden opgekocht en geslacht waardoor de herders een inkomen hebben en voedselvoorraden kunnen aankopen voor hun gezin en voor hun resterende dieren. VVW betekent dat de mensen in drie dagen 9 uren werken, in ruil voor bonnen ter waarde van 3,40 euro. Met het VVW-programma kunnen de betrokkenen zelf kiezen welk voedsel ze zullen eten. Zij konden ook mee beslissen voor welke producten de vouchers kunnen gebruikt worden.
In Baderi ontmoetten we Ramatou Ba, een Peulvrouw. Samen met andere vrouwen uit het dorp zorgt zij voor het braden en drogen van het vlees van de geslachte dieren. Ramatou’s vriendin Khadydiatou Labarang, een Hausavrouw, zei: “Wij hebben de voorbije maanden echt afgezien. Dikwijls hadden we amper een maaltijd per dag. Het is ongelooflijk dat we nu vlees kunnen eten.”
In Mali
Oxfam werkt sinds december 2004 in de streek van Gao (Noord-Mali), na een erbarmelijke oogst en een sprinkhanenplaag. Toen al was een crisis te voorspellen.
De activiteiten: Voucher voor Werk, de verkoop van goedkoop veevoer, zaadbeurzen, toezicht op voedselzekerheid, de bevolking voorbereiden op een eventuele nieuwe sprinkhanenplaag.
De begunstigden: ongeveer 50.000 mensen.
De gesubsidieerde verkoop van veevoeder is beindigd. Oxfam verkocht 346 ton veevoeder tegen 40% van de huidige marktprijs aan 6.920 veehoeders. Het programma VVW is gestart in 70% van de ergst getroffen dorpen: 50.000 mensen werken 3 dagen of 9 uur in ruil voor 3,40 euro. Ze bouwen dijken, doen aan milieuherstel en herbebossing. Handelaars leverden graanvoorraden in 60 % van de getroffen dorpen.
Samen met de Land Protection Service en SLACAER (de overheidsdienst voor landbouwtechnologie) ondersteunde Oxfam de realisatie van radioprogramma’s in diverse dialecten om de bevolking te sensibiliseren voor een nieuwe sprinkhanenplaag.
In Mauritani
Mauritani heeft het meest te lijden gehad van de plaag in 2004 en het viel te verwachten dat dit land ook met de zwaarste problemen zou geconfronteerd worden zodra de oogsttijd was aangebroken. Vandaar dat er tijdig gereageerd werd op de oproepen van de regering en van het Wereldvoedselprogramma.
Oxfam stelde al in oktober een hulpprogramma op, dat begin april startte met een Food for Work-programma (Voedsel voor werk). Momenteel loopt de tweede fase met de verdeling van graangewassen aan bestaande, gemeenschappelijke zaadbanken in het kader van het nationale Wereldvoedselprogramma. Oxfam ziet er nauwlettend op toe dat de meest kwetsbare gemeenschappen bereikt worden.
De activiteiten: voedsel voor werk, zaadbeurzen en de verkoop van goedkoop zaaigoed, het opkopen van dieren, het inschakelen van dierenartsen, de verdeling van veevoeder.
De begunstigden: VVW voor 35.613 personen, zaadbeurzen bereiken 3.769 gezinnen of 28.268 personen, het opkopen van dieren voor 16 dorpen, 1.180 gezinnen of 8.848 personen, dierenartsen zorgen voor 20.000 dieren, veevoeder voor meer dan 1.000 geiten en ezels.
De eerste fase van het programma is afgewerkt en wordt nu gevalueerd. Oxfam is erin geslaagd de meest kwetsbare mensen te bereiken: 35.613 mannen en vrouwen hebben elke dag drie uur gewerkt in ruil voor voedsel (granen, peulvruchten, olie en zout). Ze legden onder meer dijken aan om regenwater beter te kunnen opvangen.
Einde juni organiseerde Oxfam vier zaadbeurzen in de noordelijke Braknaregio. 4.000 gezinnen kregen vouchers om hiermee zaden aan te kopen bij geregistreerde handelaars. 3.769 gezinnen kochten zaaigoed aan voor 1 ha grond. Als de oogst meevalt, zullen ze over voldoende voedsel beschikken om een gemiddeld gezin van 7 personen een jaar lang te voeden.
Een Oxfam zaadbeurs, ontmoeting en vorming
Eind juni namen 3.769 personen deel aan de vier zaadbeurzen die Oxfam organiseerde in Aftout / Mauritani. Het was een unieke gelegenheid voor de boeren om elkaar te ontmoeten en van gedachten te wisselen met zaadproducenten. Ze konden betalen met vouchers en waren dus niet afhankelijk van krediet. En de handelaars ruilden de vouchers voor geld bij Oxfam. Tijdens de beurs konden de boeren ook demonstraties bijwonen van nieuw gereedschap en deelnemen aan trainingen over verbeterde landbouwtechnieken
Vaak zijn vrouwen hoofd van het gezin omdat de mannen naar de steden reizen om werk te vinden. Zij moeten dus zorgen dat de grond bewerkt wordt. Zij staan in voor de opvoeding van de kinderen en de zorg voor ouderen. Zij verzamelen hout en moeten water halen (soms kilometers ver) en gierst fijnstampen om couscous te bereiden. Met het nieuwe gereedschap kan hun werk een stuk lichter worden.
Boubakrine Ould Isselmou uit het dorp Sadde was onder de indruk van de Westerse schoffel en zei: “Dit gereedschap kan de mannen vervangen die dikwijls weg zijn van huis. Zij kunnen nu andere zaken doen terwijl de vrouwen voor de kinderen en het veld zorgen. Dit is prachtig gereedschap.”

]

Facebook
Twitter
YouTube
Flickr
Newsletter
