WSF 2006: “Afrika huilt niet meer, het spreekt!”

Een van de rijkdommen van dit Wereld Sociaal Forum in Bamako (Mali) is het woord. Het Afrikaanse continent kent een sterke orale traditie. De gebruikelijke hoogmissen werden deze keer vervangen door echte debatten en gedachtenwisselingen. Vele jongeren (en minder jongeren) hebben de seminaries druk bijgewoond én hebben er gesproken.
De debatten tijdens het WSF hebben aan de Afrikaanse deelnemers de kans gegeven op een zeer intensieve manier uiting te geven aan hun hoop, te spreken over hun strijd en vooral over hun dagelijkse realiteit. Dat was onder meer het geval tijdens het jongerenkamp, het Thomas Sankara-kamp.
Spreken n handelen
Deze keer kan het jongerenkamp er prat op gaan dat de jongeren hebben meegespeeld met de groten. Ze waren actief aanwezig tijdens allerlei seminaries, gaande van arbeid en immigratie over onderwijs voor meisjes en corruptie tot meer globale thema’s zoals de schuldenlast en de Wereldhandelsorganisatie. Velen hebben het woord gevoerd op een intense en constructieve manier.
De Afrikaanse jongeren zijn het meer dan beu. Ze zeggen het niet alleen, ze zijn ook actief in regionale netwerken die tegen de corruptie strijden, in projecten voor bewustmaking en voor de ontwikkeling van buurten, via aanbevelingen aan hun politieke verantwoordelijken,... Daarbij wordt op een verantwoorde wijze realistische middelen ingezet. Om kort te gaan: ze bouwen mee aan de toekomst die ook hun toekomst is. De Afrikaanse zanger Tiken Jah Fakoly is een symbool van het jongerenverzet in Bamako (hij gaf trouwens drie concerten tijdens dit Forum) en hij zegt het als volgt: “Afrika huilt niet meer, het spreekt!”
Spreken over de strijd van de Galicienne-arbeidsters
Geen recht op borstvoedingsverlof, een loon van minder dan 20 euro per maand (een derde van het minimumloon in Burkina Faso), een verbod om met de andere arbeidsters te praten,... Lucienne Kabor overloopt de lange lijst van misbruiken waar de arbeidsters bij Galicienne, een filiaal van Yves Rocher in Burkina Faso, het slachtoffer van zijn.
Toen de arbeiders van de cosmeticafirma in Bretagne hier enige maanden geleden over hoorden, waren zij stomverbaasd. Ondanks het feit dat de onderneming hen onder druk zette, hebben zij toen direct besloten om de solidariteitscampagne van de Galicienne-arbeidsters te steunen.
Het resultaat is dat het bedrijf zijn deuren gesloten heeft en dat de arbeidsters werkloos zijn. Maar toch hebben ze de strijd deels gewonnen want ze ontvangen een ontslagvergoeding. “Dat is een overwinning, ook al is onze strijd gestreden, wij vechten verder met de andere arbeidsters die een andere veldslag aan het leveren zijn. Al die maanden dat onze strijd duurde, zijn we nooit bezweken onder de druk van de directie”, zegt Lucienne.
Volgens een van de Franse vakbondsafgevaardigden zou dit niet mogelijk geweest zijn zonder een solidariteitscampagne in Frankrijk. De arbeidswetgeving in Burkina is uiterst beperkt, maar toch wordt deze door de ondernemingen niet gerespecteerd en de overheid kijkt de andere kant op.
De vakbondsafgevaardigden in de zaal stelden nog maar eens dat er in deze arme streek, die een hoge werkloosheid en een hoge stadsvlucht kent, elke dag goedkope en flexibele arbeidskrachten bijkomen. Er bestaan met andere woorden tientallen “Yves Rochers”.
Sarah Turine en Deborah Myaux, vertegenwoordigsters van Oxfam-Solidariteit in Bamako (Mali)


Facebook
Twitter
YouTube
Flickr
Newsletter
