STOP! Werknemers zijn geen gereedschap

18 september 2009

Thailand - België: "Vrouwen moeten verder kijken dan de eigen job"

Cécilia Kankonda, zangeres bij Zap Mama, ontmoette Lek Yimprasert, voorzitster van Thai Labour Campaign, een partnerorganisatie van Oxfam-Solidariteit. Zij praatten over de situatie van vrouwen in Thailand en België, over de economische crisis en de hoop op verandering.

Lek Yimprasert was in België voor een ontmoeting met vrijwilligers en medewerkers van Oxfam. Cécilia Kankonda, zangeres, actrice en moeder van vier kinderen, loopt niet te koop met haar engagement. Maar waar het hart van vol is…
Oxfam-Solidariteit bracht beide vrouwen samen. Het resultaat is een boeiend gesprek tussen twee vrouwen die weten wat ze willen.

Op het Thaise platteland krijgt slechts 5% de kans om te studeren

Beide vrouwen hebben elkaar nooit eerder ontmoet, maar het ijs is snel gebroken wanneer blijkt dat ze dezelfde ideeën delen. Ze zijn allebei erg geëngageerd en leggen uit vanwaar die betrokkenheid komt. “Ik ben een boerendochter, nummer zeven van negen kinderen”, steekt Lek van wal. “Al van bij mijn geboorte werd duidelijk dat ik fysiek zwakker was dan mijn broers en zussen. Ik deed het wel goed op school en dankzij mijn zus heb ik de kans gekregen om verder te studeren. Zij heeft mijn vader ervan overtuigd dat ik naar de universiteit moest gaan. Ik was de eerste uit mijn dorp die naar de universiteit ging”.

Cécilia is het kind van een Belgische moeder en Congolese vader. “Mijn vader was één van de eerste Congolezen die in België kwam studeren. Dat was nog voor de onafhankelijkheid en hij werd beschouwd als een curiositeit, een aap. Mijn moeder werd uit haar familie verbannen toen ze verliefd werd op ‘die zwarte’. Een blank meisje met een ‘neger’, dat was een groot schandaal in die tijd. Maar ze heeft altijd doorgezet en is toch met hem getrouwd. Van haar heb ik geleerd om mijn dromen na te jagen en zowel anderen als mezelf altijd te respecteren”.

“Mijn engagement is op de universiteit gegroeid”, legt Lek uit. “Ik kwam uit een klein dorp, waar iedereen arm was en het was een shock om te zien dat er mensen waren die zoveel meer mogelijkheden hadden. Ik was verontwaardigd dat de overheid de universiteit subsidieert terwijl maar 5% van de mensen op het platteland de kans krijgt om te studeren."

"Ik heb toen gezworen om iets doen aan de ontwikkeling van het platteland en ik heb mijn belofte gehouden door voor een ngo te gaan werken. Mijn familie was erg ontgoocheld toen ik hen dat vertelde. Ze hadden verwacht dat ik veel geld zou verdienen om voor hen te zorgen. Ze begrijpen het niet. Ik besef dat ik de echte problemen van mijn familie niet kan oplossen door te gaan werken en een deel van mijn inkomen aan mijn vader te geven. Ik wil meer doen. Maar het bleef wel een heel moeilijke beslissing.”

We hopen dat onze muziek bijdraagt tot meer openheid

Ook Cécilia stond voor een moeilijke keuze “Ik heb lang getwijfeld of ik geneeskunde zou studeren of dat ik voor kunst zou kiezen. Ik wou mensen helpen, iets doen met mijn leven en de twee culturen waarin ik opgegroeid ben. Binnen Zap Mama hebben wij ons altijd afgevraagd wat we konden doen met de weg die we gekozen hadden. We hopen dat we door onze muziek mensen aanmoedigen om open te staan voor andere invloeden en culturen en af en toe uit hun eigen leven te stappen”.

In 2000 heeft Lek Thai Labour Campaign, TLC opgericht, een organisatie die zich inzet voor de arbeidersbeweging in Thailand. Slechts 1,5 % van de Thaise werkers is aangesloten bij een vakbond. Bovendien worden de vakbondsrechten, zoals vastgelegd in de basisconventies van de Internationale Arbeidsorganisatie, ILO, niet erkend door de Thaise overheid.

“We geven educatie en vorming over arbeidsrechten, we werken samen met de vakbonden en we zoeken naar alternatieven voor het kapitalisme door collectieve initiatieven op te zetten,” vertelt Lek. Ze toont Cécilia trots haar T-shirt waarop in grote letters “Dignity Returns”prijkt.

“Deze T-shirts worden gemaakt in solidariteitsfabrieken, waar werknemers hun waardigheid terugvinden. In de fabrieken van multinationals worden zij gebruikt als gereedschap. Ze worden niet gelijk behandeld, krijgen geen waardig loon, moeten de klok rond werken en krijgen amfetamines toegediend”.

Vooral vrouwen zijn het slachtoffer van deze uitbuiting. Wanneer ze zwanger zijn kunnen ze niet rekenen op de sociale zekerheid, bovendien is er in de bedrijven waar ze werken geen kinderopvang voorzien. “Het probleem is dat de meeste vrouwen die in de grote fabrieken in de stad werken uit afgelegen dorpen komen”, legt Lek uit.

“Wanneer ze bevallen en na twee maanden terug moeten gaan werken, laten ze hun kinderen in hun dorp achter. Dit is een heel normaal fenomeen geworden in Thailand en we vergeten hoe erg dit voor deze vrouwen moet zijn. Er zijn veel vrouwen die me vertellen dat ze zich elke dag zorgen maken om hun kind”.

Vrouwen gebruiken het woord geluk nooit voor zichzelf

Cécilia reageert verbijsterd: “ik kan mij dit echt niet voorstellen. Ik heb vier kinderen, de jongste is pas zes maanden en ik neem hem overal mee naartoe. Elke moeder wil haar baby dicht bij haar”.

Lek is het daarmee eens en TLC eist daarom van de Thaise regering dat vrouwen recht hebben op sociale zekerheid, een leefloon en kinderopvang in de fabrieken waar ze werken. “Er rust een zware verantwoordelijkheid op deze vrouwen hun schouders. Ze moeten soms heel de familie onderhouden. Ze kunnen het zich niet permitteren een dag niets te verdienen”.

Het zijn ook de vrouwen die de grootste gevolgen dragen van de economische crisis. “Vele jonge meisjes zien zich verplicht om in de seksindustrie te gaan werken”, vertelt Lek. “Hun familie leeft van het geld dat zij maandelijks opsturen. Alle vrouwen die ik ontmoet gebruiken nooit het woord ‘geluk’ voor zichzelf. Ze werken zich uit de naad of verkopen hun lichaam voor het geluk van hun vader, hun moeder, voor de opvoeding van hun kinderen…"

"Vrouwen lijken niet het recht te hebben op hun eigen geluk”. Cécilia herkent dit probleem. “Ik denk dat vrouwen overal nog lijden onder ongelijke machtsverhoudingen. Mijn dochter is nu vijftien en toen we onlangs op Internationale Vrouwendag met Zap Mama een benefietconcert gaven, was ze onthutst toen ze vernam dat de vrouwen hier in België nog steeds minder verdienen dan mannen”.

Boeren en arbeiders, vrouwen en mannen komen samen op straat

Beide vrouwen zijn echter hoopvol en geloven dat er in de toekomst wel degelijk iets kan veranderen. Al zal dit nog heel wat voeten in de aarde hebben. “Op één of andere manier ben ik blij met de wereldwijde crisis die ons vandaag allemaal treft. Ik ben natuurlijk ook bang voor de gevolgen ervan, maar misschien kan het de solidariteit tussen mensen vergroten. Al denk ik dat het daarvoor nog erger moet worden, we zijn hier te verwend”, zegt Cécilia.

“Ik blijf werken voor elk sprankeltje hoop”, klinkt het beslist bij Lek. “Wij zijn de onzichtbaren, de minderheden en we moeten ons vastklampen aan elk lichtpuntje. De maatregelen die genomen worden tegen de economische crisis, komen vooral de industrie ten goede. Toch kan er misschien iets veranderen voor het Zuiden. De huidige crisis tast immers iedereen aan, ook Europese en Amerikaanse bedrijven aan de top van de productieketen."

"Mensen overal ter wereld zijn zich plots bewust van hun kwetsbaarheid. Ze begrijpen dat ze voor zichzelf en hun rechten moeten opkomen, dat ze zich moeten organiseren. De laatste tijd worden er elke dag demonstraties gehouden in Thailand. De boeren, de arbeiders, vrouwen en mannen komen samen de straat op. Die solidariteit tussen mensen hebben we nodig om de dingen te veranderen. We moeten verder durven kijken dan ons eigen leven, onze eigen job”.

Nena Baeyens, Communicatiedienst Oxfam-Solidariteit