Oxfam: het WTO-akkoord verraadt de beloftes voor ontwikkeling
De internationale organisatie Oxfam veroordeelt het WTO-akkoord van de top in Hongkong omdat het de gedane beloftes over ontwikkeling niet naleeft. Het akkoord weerspiegelt veel meer de belangen van de rijke landen dan die van de ontwikkelingslanden, en komt niet tegemoet aan de hervormingen die de arme landen nodig hebben, zo zei Oxfam.
“Deze tekst is absoluut teleurstellend. De belangen van de rijke landen kregen opnieuw de overhand. Europa en de VS hebben hun beloftes gebroken om de handelsregels aan te passen zodat ze bijdragen aan ontwikkeling. De arme landen hebben hard moeten vechten om een aantal van hun thema’s zelfs maar op de onderhandelingstafel te houden. De kleine verbetering in een aantal aspecten van landbouw, wordt teniet gedaan door de extreme nadelige voorstellen inzake diensten en industrie,” zei Phil Bloomer, hoofd van Oxfam International’s campagne Make Trade Fair.
“Ontwikkelingslanden werden in een onmogelijke positie geplaatst: f een onrechtvaardige tekst aanvaarden f de schuld krijgen voor het mislukken van de top. Ze bleven de hele tijd assertief en als een blok optreden en konden verhinderen dat een aantal nog dramatischere voorstellen in de tekst opgenomen werden. Maar het is duidelijk dat vele landen deze tekst met afkeer aanvaard hebben,” voegde hij toe.
Ministers en commentatoren gaan ervan uit dat er begin volgend jaar een nieuwe WTO-top zal plaatsvinden om het akkoord af te ronden. Phil Bloomer waarschuwde echter dat “tenzij de rijke landen fundamenteel hun houding veranderen in deze onderhandelingen, de extra onderhandelingstijd geen verschil zal maken.”
In het domein landbouw is een welgekomen onderdeel opgenomen dat ontwikkelingslanden het recht geeft om de producten van vitaal belang voor arme landbouwers te beschermen. Daarnaast is er de belofte om de exportsubsidies en gelijkwaardige steun af te schaffen tegen 2013. Maar dit is drie jaar later dan gehoopt, en de Europese exportsubsidies zijn maar goed voor 3,5 procent van het totaal aan landbouwsteun.
Voor ontwikkelingslanden is landbouw de belangrijkste sector, maar de meeste onderhandelingen daarover moeten nog gebeuren. Het akkoord van de Ministerile conferentie heeft het niet over het knippen in de nationale subsidies van rijke landen die dumping veroorzaken, net zoals er niets opgenomen is over het verstrakken van de toegelaten hulp. Er is geen garantie dat ontwikkelingslanden een betere toegang tot de markten van het Noorden zullen krijgen.
Wat katoen betreft, bieden de VS aan om alle soorten exportsubsidies af te schaffen, wat zeer welkom is. Die afschaffing was echter al verplicht door een uitspraak van de WTO en deze subsidies omvatten maar 10 procent van het totale steunpakket aan de Amerikaanse katoenproducenten. Het voorstel komt niet tegemoet aan het kernprobleem, namelijk aan het bewezen feit dat nationale steun de handel verstoort en dumping vergemakkelijkt.
In de andere thema’s van de onderhandelingen, namelijk diensten en de markttoegang voor niet-landbouwproducten, gingen de voorstellen van kwaad naar erger. Het recht voor arme landen om de basisdiensten en jonge industrien te verdedigen werd ondergraven, met ernstige gevolgen voor ontwikkeling.
Het ontwikkelingspakket voor de ontwikkelingslanden, waarover zoveel opgeschept werd, werd gereduceerd tot een pakket met vrijwel lege voorstellen voor hulp bij handel, met weinig vers geld en een XXX uitgehold aanbod over de toegang zonder quota of belastingen, waardoor rijke landen nog altijd sleutelproducten kunnen uitsluiten, hoewel die van vitaal belang zijn voor de bestaansmiddelen van miljoenen arme mensen.
Bloomer:”Er is niets vrij’ aan dit aanbod over een toegang vrij van belastingen en quota. Rijke landen zullen nog altijd sleutelproducten zoals textiel kunnen beschermen. Het is jammerlijk dat deze top zelfs geen akkoord kon bereiken over een aanbod voor de armste landen.”


Facebook
Twitter
YouTube
Flickr
Newsletter
