Overconsumptie en verspillingen: oorzaken van ondervoeding

Overvloed en overconsumptie in het Noorden, ondervoeding en honger in het Zuiden. Niet alleen de ongelijke koopkracht, maar ook de verspillingen en de niet-duurzame productiemethoden hebben een onmiddellijke impact op de ondervoeding in het Zuiden.
Dit artikel maakt deel uit van Globo n°29: "welke oplossingen zijn er voor de voedselcrisis?"
Een recent rapport van de United Nations Environment Program (UNEP) toont een van de minst bekende oorzaken van de honger aan : de verliezen en verspillingen van voedsel doorheen de hele voedselketen. Bijna 50% van de wereldvoedselproductie gaat verloren of wordt weggegooid en verspild door een slecht beheer van de voedselketen.
In het Zuiden gaat een deel van de productie verloren door slechte infrastructuur en investeringen. In landen zoals de Verenigde Staten en Groot-Brittannië wordt meer dan een derde van het gekochte voedsel gewoon weggegooid. Een einde maken aan die verspillingen en het beheer van natuurlijke middelen optimaliseren, zou volstaan om de groeiende wereldbevolking te voeden.
Er bestaan oplossingen, ze moeten enkel uitgevoerd worden:
Productie: betere irrigatietechnieken of agro-ecologische technieken, verwerking van voedsel of een betere bewaring van de oogsten.
Grote distributie: handelspraktijken, zoals de snelle verkoop en multipack aanbiedingen, die aanzetten tot nutteloze aankopen, stopzetten; bevoordelen van boerenmarkten en kleine circuits, betere bewaring van voedsel, het voedsel versneden of in bulk aanbieden in plaats van voorverpakt.
Consumptie: aankopen beter doseren, vervaldata controleren, invriezen
Politiek: Bevorderen van duurzame landbouw –en voedselmodellen
Soja in de intensieve veeteelt
In 50 jaar tijd is de vleesconsumptie in België verdubbeld. Deze stijging is een wereldwijde tendens. Om zich aan deze explosie van de vraag aan te passen, is de landbouwsector geëvolueerd naar een intensief veeteeltmodel. Dit productiemodel is gebaseerd op een enorme import van soja, voornamelijk uit Zuid-Amerika. De Europese vleesproductie heeft voor de sojateelt een oppervlakte nodig die vijf keer groter is dan België. Volgens het WWF verdwijnt jaarlijks 2,4 miljoen hectare bos in Zuid-Amerika door de productie van soja. Dat leidt tot een verlies aan biodiversiteit en de delokalisatie van de lokale bevolking ten voordele van grote eigendommen.
De oplossingen?
Minder en beter consumeren: kies voor lokaal geproduceerd vlees; kies voor vlees afkomstig van vee dat gevoed is met gras of duurzaam geproduceerde planten
Ontwikkeling van een plantaardige eiwittenketen in Europa om de afhankelijk van import te verkleinen
De consument informeren over de echte prijs van vlees, met inbegrip van de ecologische en sociale kosten en voordelen van de producten : GGM of niet, biovoedsel voor vee, producten van boerenlandbouw, het weiland,…
Bevordering van een beleid voor duurzame productie
Biobrandstoffen : het nieuwe zwarte goud
Om de olie te vervangen hebben multinationals nieuwe methoden gevonden: de massateelt van soja, rietsuiker en palmolie voor de productie van biobrandstoffen.
In 25 jaar tijd is de wereldwijde productie van palmolie zo goed als verzesvoudigd, vooral als gevolg van een groeiende productie in Maleisië en Indonesië. De oliepalm, een boom die zeer snel groeit, kan vrij snel de productie van soja overtreffen. Momenteel is soja nog de voornaamste bron voor de productie van biobrandstoffen. Volgens Greenpeace leidt deze productiegroei tot een ontbossing met een equivalent van 300 tot 360 voetbalvelden…per uur.
Ook voor rietsuiker worden miljoenen hectaren grond ingenomen in Brazilië, de tweede grootste producent na de Verenigde Staten. De oogst van rietsuiker gebeurt manueel en de industriëlen rekruteren massaal veel indianen uit de Guarani-reservaten. De indianen zijn goedkope arbeidskrachten die tot 16 uur per dag moeten werken. Tegelijkertijd verliezen deze Guarani-indianen enorm veel land met een groeiende hongersnood tot gevolg.
De Europese Unie wil het aandeel biobrandstoffen voor de transportsector vanaf 2020 met 10% verhogen als ‘groen alternatief’ voor de olie. Dat is niet alleen een foute oplossing voor de klimaatverandering, het vormt ook een reële bedreiging voor de toegang tot land, de voedselzekerheid en het milieu. In plaats daarvan moet de EU een duurzaam mobiliteitsbeleid ontwikkelen gebaseerd op echte groene alternatieven. Zo kunnen ze organisch afval omzetten in energie voor lokaal gebruik.
Julie Fueyo Fernandez
Meer info over duurzame, eerlijke en biologische consumptie:
www.bioforum.be
www.voedselteams.be
www.fwa.be
www.oww.be
www.motherearth.org


Facebook
Twitter
YouTube
Flickr
Newsletter
