Voedselsoevereiniteit

26 september 2003

Octrooien op levende organismen

Octrooien op levende organisme erkennen de eigendomsrechten op levende wezens. Het is de erkenning van het handelsmonopolie op natuurlijke rijkdommen, zoals zaaigoed, die nochtans deel uit maken van het gemeenschappelijk erfgoed van heel de mensheid en als dusdanig erkend worden. De diefstal van het genetisch patrimonium door commerciële bedrijven wordt hiermee gelegaliseerd. Octrooien zetten een rem op de overdracht van technologie naar de ontwikkelingslanden.

De koopmansideologie geeft voorrang aan de eigen commercile belangen boven het recht op voedsel en gezondheid. De gendustrialiseerde landen bezondigen zich hieraan via bilaterale (van land tot land), regionale en internationale handelsakkoorden (bijvoorbeeld via de WTO). Tal van ontwikkelingslanden en organisaties van de ‘civil society’ verzetten zich hier met nadruk tegen en weigeren het octrooirecht op levende organismen te erkennen. Oxfam-Solidariteit is van oordeel dat de regels voor de intellectuele eigendom ondergeschikt moeten worden gemaakt aan andere internationale normen, zoals de Conventie op de Biodiversiteit en het recht van de volkeren om controle uit te oefenen op hun eigen natuurlijke rijkdommen. Zaaigoed privatiseren is de basis van onze voeding zelf privatiseren. Deze logica wijzen wij van de hand. Voor de boeren komt dit neer op de plundering van hun uitvindingen, kennis, genetische bronnen. Dit beperkt hun toegang tot zaaigoed, onderwerpt hun gezinslandbouw aan de industrile landbouw en maakt hen nog afhankelijker van de internationale markt. Samengevat: het octrooirecht beperkt de voedselsoevereiniteit.