[Noodhulpoperatie in West-Afrika en Mali]

Noodhulp

5 januari 2006

Noodhulpoperatie in West-Afrika en Mali

In juli 2005 startte Oxfam-Solidariteit, gesteund door de Vlaamse en de Belgische Federale overheid, met een noodhulpprogramma voor de veehoeders en boeren in de regio van Timboektoe en Gao. Deze regio’s zijn bijzonder zwaar getroffen door de voedselcrisis.

Deze regio’s van Timboektoe en Gao zijn bijzonder zwaar getroffen door de voedselcrisis die de Sahel teistert; de bevolking heeft ook zwaar te lijden onder het verlies van haar bestaansmiddelen en de verslechtering van haar levensomstandigheden.

Oxfam-Solidariteit is niet aan haar proefstuk toe wat het verlenen van noodhulp aan Mali betreft; we zijn er al actief sinds 1984. Net zoals andere Sahellanden heeft Mali nu af te rekenen met natuurlijke omstandigheden die het evenwicht tussen watervoorraden en weideland in bepaalde delen van het land verstoren. Hierdoor ontstaat droogte, verlies van vee en een scherpe voedselcrisis waar veehoeders en boeren het slachtoffer van zijn.

Ook externe factoren

Het ecologisch evenwicht in de Sahelzone is uiterst kwetsbaar en het tekort aan water heeft er samen met een sprinkhanenplaag in 2004 voor gevolg gehad dat de weidegronden werden vernietigd, dat de veesterfte toenam en de gierstproductie is achteruit gegaan, terwijl dit het belangrijkste graangewas van het land is.

De relaties tussen de veehoeders en de boeren zijn veel moeilijker geworden; handelaars en speculanten doen er ondertussen hun voordeel bij. Want waar de veehoeder vroeger een tot twee geiten moest verkopen om een zak gierst aan te schaffen, moet hij vandaag zelfs tot vijf dieren verkopen tegen een spotprijs waardoor hij het voortbestaan van zijn kudde in het gedrang brengt.

Behalve die natuurlijke oorzaken spelen ook externe factoren een rol, zoals bijvoorbeeld de armoede, de speculatie en grote economische verliezen die te maken hebben met het verstoren van de handelsrelaties met Ivoorkust, met de buurlanden en met Nigeria. In die context valt de ernst van de huidige voedselcrisis in Niger en het noorden van Mali iets makkelijker te begrijpen. Het gaat dan concreet over bepaalde zones zoals Liptoko, Gourma, Mma Farimak en Oost-Tilemsi.

Omdat de herdergemeenschappen en de boeren niet in staat zijn weerstand te bieden aan de stijgende graanprijzen worden zowel hun wijze van produceren als hun levenswijze zelf bedreigd.

Een duurzaam hulpprogramma

Om tegemoet te komen aan de noden van de zwaarst getroffenen en om de levenswijze en de productiemethoden van veeboeren en herdergemeenschappen te behoeden, steunt Oxfam-Solidariteit een noodhulpprogramma in de streek van Timboektoe en Gao. Daar heeft een deel van de bevolking af te rekenen met een ernstige voedselcrisis.

Het noodhulpprogramma van Oxfam-Solidariteit wordt gerealiseerd samen met onze partner, Rseau Billital Maroob en in synergie met Oxfam Groot-Brittanni. Het omvat de volgende acties:

1. voorraden van graangewassen aanleggen en snel verdelen aan de zwaar getroffen gezinnen om te vermijden dat zij hun bestaansmiddelen uitputten en hun veestapel zien verloren gaan;

2. voedsel verdelen aan de zwaarst getroffen gezinnen. Tegelijk zal het programma gedurende drie tot vier maanden voedingssupplementen verdelen voor de kinderen die ernstig ondervoed zijn;

3. de basisvoorzieningen (namelijk drachtige schapen en geiten ) aankopen en verdelen zodat de vrouwen, die gezinshoofd zijn en geen bestaansmiddelen meer hebben, hun veestapel terug kunnen opbouwen;

4. zorgen voor veevoer en geneesmiddelen voor dieren om de sterfte en de achteruitgang van de veestapel aan te pakken;

5. de weidegrond in de door droogte getroffen gebieden verbeteren door de waterputten te herstellen.

Informatiesessies

Hierbij dient nog vermeld dat het programma ook aandacht heeft voor eventuele conflicten die kunnen ontstaan tussen veehoeders en boeren, over het gebruik van de weiden en het akkerland. Er zullen speciale informatiesessies georganiseerd worden voor de boeren en veehoeders. Er wordt ook gewerkt aan een betere communicatie over de eventueel nog beschikbare zones, om op die manier de druk op bepaalde gronden die voor gewassen of weiden gebruikt worden, te doen verminderen.

Met het oog op de toekomst

De mogelijke positieve effecten van dit programma zijn duidelijk. De belangrijkste zijn:

1. tijdens de overgangsfase hebben de mannen, vrouwen en kinderen die door de voedselcrisis getroffen zijn toegang tot voldoende voedsel van goede kwaliteit, met een aanbod van protenerijke dieren- en plantenvoeding;

2. de dierensterfte zal dalen en de landvlucht van de bevolking naar de stedelijke centra zal verminderen. De veestapel wordt immers weer stabiel en de meest getroffen gezinnen kunnen hun belangrijkste bestaansmiddel, namelijk de veestapel, behouden;

3. de competentie van de veehoeders en de veeboeren wordt versterkt: zij worden betrokken bij het zoeken naar oplossingen en gepaste antwoorden op hun problemen; 4. er worden duidelijke plannen opgesteld en strategien ontwikkeld voor de periode na de voedselcrisis;

5. het aantal conflicten rond het beheer van de natuurlijke rijkdommen zal verminderen, landbouw en veeteelt zullen beter op elkaar ingespeeld zijn;

6. de oorzaken van de voedselcrisis worden grondig geanalyseerd. De resultaten van het onderzoek worden ter beschikking gesteld van politieke verantwoordelijken en actoren uit de ontwikkelingssamenwerking.

Voor meer informatie:

- bij Oxfam-Solidariteit:

Channah Bentein, cordinatrice van de Noodhulpcel: tel. 02-501 67 39

Brigitte Gloire, projectbeheerder West-Afrika: tel. 02-501 67 53

- op het terrein: Jolle Dubois en Daniel Blais (te contacteren via de medewerksters bij Oxfam-Solidariteit).