Niemand ligt wakker van de crisis in Darfour

De crisis in Darfour, die haar vijfde jaar ingaat, is een van de grootste menselijke drama’s in de wereld. Meer dan 2,5 miljoen mensen hebben hun woonplaats moeten ontvluchten om in dichtbevolkte kampen in Darfour en over de grens in Tjaad een onderkomen te zoeken.
Meer dan 4,5 miljoen mensen werden al getroffen door het conflict en zijn afhankelijk van humanitaire hulp. Het geweld gaat onverminderd voort en elke maand moeten nog meer mensen op de vlucht slaan. Tegelijk worden de hulpverleners in het gebied elke dag geconfronteerd met gewelddadige aanvallen waardoor hun werk zwaar bemoeilijkt wordt.
Oxfam is ter plaatse
Ondanks het dagelijks gevaar bieden hulpverleners van Oxfam vitale hulp aan ongeveer 500.000 mensen die door de crisis getroffen zijn in Darfour en in het oosten van Tjaad. We zorgen voor de toegang tot zuiver water en sanitair en voor basisbenodigdheden zoals dekens, zeep, jerrycans. We geven ook voorlichting over hygine en volksgezondheid om het uitbreken van ziekten te voorkomen. En omdat het er naar uitziet dat het conflict niet snel zal opgelost zijn, bieden we mensen de mogelijkheid een inkomen te verwerven om niet afhankelijk te blijven van externe hulp.
DE SITUATIE IN JULI 2007
Onthutsende feiten
Sinds het begin van de crisis zijn al meer dan vier jaar voorbij gegaan. Maar de situatie is nog altijd hopeloos:
in Darfour en Tjaad zijn meer dan 4,5 miljoen mensen afhankelijk van humanitaire hulp,
meer dan een inwoner op drie, of 2,5 miljoen mensen hebben hun huis moeten ontvluchten omwille van het geweld in Darfour,
daarvan hebben meer dan 2 miljoen mensen een onderkomen gezocht in een kamp voor ontheemden in Darfour,
een kwart miljoen vluchtelingen heeft in het naburige Tjaad een onderkomen gezocht in een kamp,
alleen in 2007 zijn in Darfour nog eens 140.000 mensen hun woonplaats ontvlucht,
ook in Tjaad zijn door het conflict 170.000 mensen gevlucht. Het voorbije jaar is het aantal ontheemden uit Tjaad verviervoudigd.
Humanitaire hulp bedreigd
De humanitaire hulpverleners leveren de grootste inspanning in Darfour. Maar hun werk wordt ernstig bedreigd door het aanhoudende geweld tegen de burgerbevolking en de aanvallen op hulpverleners, waarbij alle partijen die in dit conflict een rol spelen verantwoordelijkheid dragen.
Onlangs nog heeft Oxfam ervoor gewaarschuwd dat de 4 miljoen ontheemden uit Darfour het zullen moeten stellen zonder hulpverlening indien het geweld aanhoudt.
Dagelijks worden incidenten gemeld waarbij hulpverleners en hun werk het mikpunt vormen. Geregeld worden humanitaire voertuigen overvallen en gestolen, medewerkers worden aangevallen, bedreigd, ontvoerd, bestolen of beschoten. Humanitaire kantoren en woningen worden door gewapende dieven belaagd. De voorbije 12 maanden zijn 13 hulpverleners, waaronder een Oxfam-medewerker, gedood. Dat is meer dan het totaal van de drie jaar voordien. Daardoor is het sinds begin 2007 moeilijker dan ooit om de noodlijdende bevolking te bereiken.
Een aanzienlijke ontwrichting
Als gevolg van het geweld staan de programma’s van Oxfam onder zware druk. In april hebben we ons werk twee weken moeten opschorten in de stad Um Dukhun in West-Darfour nadat een Oxfam-voertuig op klaarlichte dag overvallen was in een van de kampen. De bestuurder werd gekwetst en van het voertuig is sindsdien geen spoor teruggevonden.
In juni moesten we onze programma’s definitief stopzetten in Gereida – het grootste kamp in Darfour met 130.000 vluchtelingen. Zes maanden voordien waren de hulpverleningsprogramma’s al ernstig bemoeilijkt als gevolg van gewelddadige aanvallen op de woning van hulpverleners, o.a. van Oxfam. De plaatselijke overheid kan de veiligheid van de medewerkers niet garanderen en daarom was stopzetting de enige uitweg.
Ondanks het gevaar voor de eigen veiligheid blijft Oxfam ongeveer 500.000 slachtoffers van deze crisis bijstaan en de medewerkers zetten zich maximaal in om de mensen in Darfour te helpen. Maar indien de aanvallen op de hulpverleners doorgaan, zullen we misschien verplicht worden ons werk stop te zetten.
Toenemende nood
De hulpverleners worden aangevallen, maar de burgers van Darfour zijn de grootste slachtoffers: zij leven in voortdurende angst door het geweld. Steeds meer mensen worden uit hun woningen verjaagd. Sinds begin 2007 zijn nog eens 140.000 mensen moeten vluchten, sommigen voor de tweede of de derde keer omdat het geweld hen achtervolgt.
Vele kampen – vooral in de buurt van grote steden – hebben hun maximale capaciteit al overschreden en toch blijven er mensen toestromen op zoek naar hulp. In de kampen groeit de onveiligheid. Geregeld dringen gewapende mannen binnen om de mensen te bedreigen en zowel burgers als hulpverleners aan te vallen.
Door het geweld op hulpverleners moeten meer dan een half miljoen mensen het zelfs zonder hulp stellen. Grote delen van het platteland zijn namelijk totaal ontoegankelijk geworden. De dreiging voor overvallen maakt het gebruik van voertuigen onmogelijk, de meeste programma’s dienen nu een helikopter in te schakelen. Maar een helikopter vliegt enkel naar grote plaatsen en kampen, dorpen en landelijke gebieden kunnen vaak niet bereikt worden.
Dankzij enorme humanitaire inspanningen is het mogelijk geweest de leefomstandigheden in de kampen zo goed mogelijk te maken, het aantal gevallen van ondervoeding en sterfte verminderde. Maar nu de hulp snel afneemt, is het gevaar reel dat dit omslaat. Het is niet denkbeeldig dat de ellende en de nood van bij het begin van de crisis weer opduiken.
Dringend staakt-het-vuren nodig
De bevolking van Darfour heeft geen tijd te verliezen. Oxfam roept alle partijen die bij dit conflict betrokken zijn op om in te stemmen met een onmiddellijk staakt-het-vuren en dat ook te respecteren. De internationale gemeenschap moet de partijen dwingen om de internationale wetgeving te respecteren, burgers en hulpverleners niet langer aan te vallen en voor veilige hulpoperaties te zorgen.
Uiteindelijk ligt de enige duurzame oplossing van dit conflict in een politiek proces. Er moeten meer inspanningen komen om veelomvattende politieke discussies aan te vatten, daarbij moet de internationale gemeenschap zorgen voor een volgehouden en coherent leiderschap. Maar een succesvol vredesproces vergt tijd en ondertussen heeft de bevolking van Darfour dringend een staakt-het-vuren nodig en onmiddellijke afdoende bescherming.
Internationaal overleg over Darfour mikt momenteel op de vorming van een heterogene vredesmacht zoals voorgesteld door de VN en de Afrikaanse Unie (AU). Door alle aandacht daarop te richten, bestaat het gevaar dat de dringendste nood – die aan een staakt-het-vuren- over het hoofd gezien wordt. Zelfs de meest optimistische schattingen stellen dat de hybride vredesmacht ten vroegste begin 2008 op het terrein kan zijn, in de praktijk kan het ng langer duren. De bevolking van Darfour mag niet zo lang in de kou blijven staan.
Ondertussen zijn in Soedan AU-troepen (AMIS) aanwezig, maar ze hebben niet de nodige financile middelen, noch steun en bijstand van de rest van de wereld. De AMIS zou de burgerbevolking moeten beschermen maar ligt zelf geregeld onder vuur. Sinds februari werden 10 leden van de vredesmacht doodgeschoten, anderen werden beroofd, bedreigd en ontvoerd. De internationale gemeenschap moet AMIS meer middelen geven zodat ze kans op slagen hebben.
Een steeds complexere regionale crisis
Dit conflict was al sinds het begin ingewikkelder dan het werd voorgesteld, maar sinds een jaar is de toestand zo mogelijk nog complexer geworden. Na de ondertekening van de Vredesovereenkomst in Darfour in mei 2006 nam de onveiligheid toe en de rebellenbeweging is uiteengevallen in talloze splintergroepen. Er heerst meer wetteloosheid in de streek, geweldplegers worden zelden berecht en de controle over de regio is op een aantal plaatsen onbestaande.
Alle betrokken partijen dragen een deel van de verantwoordelijkheid. De ellende heeft zich naar een groot gebied uitgebreid. Bijna overal in Darfour heerst geweld, zelfs over de grenzen met Tjaad en de Centraal Afrikaanse Republiek neemt het geweld uitbreiding. Bandieten, rebellengroepen en milities gaan hun gangetje. Bij aanvallen op dorpen in Tjaad werden burgers gedood en moesten mensen hun woonplaats ontvluchten. Het voorbije jaar verviervoudigde het aantal ontheemden van Tjaad tot 170.000 – daarnaast verblijven er al een kwart miljoen vluchtelingen uit Soedan in het land.
Het leven in de kampen
De meeste vluchtelingen komen volledig berooid toe in de kampen. Sommigen konden wat dieren of enkele kookpotten en dekens meenemen (als ze onderweg niet bestolen werden) maar de meeste hebben niet meer dan de kleren die ze dragen. Wie een ezel of enkele koeien kon meenemen, vindt nauwelijks voedsel voor de dieren. En ze buiten het kamp laten grazen is veel te gevaarlijk.
In de meeste kampen hebben de mensen niets meer als onderdak dan wat stokken en een stuk plastic als bedekking. Toch gaan sommige kampen zoals Abu Shouk op de rand van El Fasher, er iets definitiever uitzien, nu stenen gebouwen de tenten vervangen. Het ziet er niet naar uit dat het conflict snel zal opgelost geraken en dus verwachten de vluchtelingen dat ze nog een hele tijd in de kampen zullen wonen.
Maar de meeste kampbewoners voelen zich hulpeloos en gefrustreerd. Ze zitten in de val en kunnen niet terug naar huis, ze hebben weinig of geen toegang tot onderwijs en economische mogelijkheden. Zodra ze een voet buiten het kamp zetten, lopen ze gevaar, zelfs wanneer ze wat brandhout gaan zoeken kunnen ze bedreigd of verkracht worden en zelfs gedood. Er woont een meerderheid van vrouwen en kinderen in de kampen, vele kinderen hebben vrijwel hun hele leven in een kamp gewoond. De effecten die de crisis op een hele generatie heeft, zal zware gevolgen hebben voor de toekomst van Darfour.
WAT DOET OXFAM CONCREET?
Hoewel er dagelijks gevaar is en de crisis enorme proporties heeft aangenomen, gaat Oxfam door met de hulp aan zo’n 500.000 mensen in Darfour en Tjaad. Onze programma’s richten zich op gezondheidszorg en preventie, maar tegelijk willen we de mensen in hun waardigheid beschermen.
We zorgen voor :
gezond drinkwater uit natuurlijke bronnen,
verbetering van het sanitair om ziekten te voorkomen: met de bouw van toiletten en wasgelegenheid en de verdeling van basisvoorzieningen zoals zeep, emmers en jerrycans om water op te slaan,
de verdeling van plastic zeilen, materiaal voor onderdak en dekens,
we werken samen met de plaatselijke bevolking om zeker te zijn dat hun echte noden en de prioriteiten worden aangepakt. Ze worden bij alle beslissingen betrokken. We werken vooral met vrouwengroepen en de armste delen van de samenleving om zeker tegemoet te komen aan de noden van iedereen,
we vormen honderden vrijwilligers die op hun beurt anderen informeren over persoonlijke hygine en sanitair. We nemen kampbewoners in dienst om toiletten en badgelegenheden proper te houden en zeker te zijn dat de waterbronnen beschermd worden,
we geven kinderen spelenderwijs (met spel, muziek en schoolactiviteiten) les over hygine en gedragsverandering vanaf zeer jonge leeftijd,
we trainen mensen en laten ze ervaring opdoen om hun bestaansmiddelen te verbeteren en hun afhankelijkheid van hulp te verminderen.
De natuurlijke hulpbronnen bedreigd
De drukbevolkte kampen kunnen onmogelijk nog een grotere stroom van mensen verwerken, vooral rond de grote steden is de toestand onmogelijk. En toch blijven de mensen toestromen. De massale verplaatsing van mensen – tienduizenden wonen samen in een gebied – verhoogt de druk op de schaarse natuurlijke hulpbronnen zoals water. De regenval is sterk verminderd, de bevolking groeit aan en samen met de ontbossing zorgt dat ervoor dat de problemen in Darfour verergeren.
Omdat het conflict ook maar blijft voortduren, worden de problemen nog onoverzichtelijker. De kampen houden de mensen vast en dus gaan ze op zoek naar middelen om hun tijdelijke behuizing te verbeteren. In de meeste kampen worden bakstenen gemaakt en wordt gezorgd voor materiaal om de huizen te verbeteren. Het is een welkome bron van inkomsten... maar heel wat watervoorraden dienen hiervoor te worden aangesproken.
Oxfam blijft zoeken naar manieren om de natuurlijke hulpbronnen zoals water zo efficint mogelijk aan te wenden, zowel in ons eigen werk als voor de grotere gemeenschap.
Zorgen voor bestaansmiddelen
Door het huidige conflict werd het traditionele inkomen uit landbouw en handel grotendeels vernietigd. De kampbewoners kunnen zich amper buiten de kampen wagen en daardoor kunnen ze niet naar hun velden en evenmin naar de markt, het gevaar voor aanvallen is te groot. De vrouwen die zich toch buiten het kamp wagen, op zoek naar brandhout, worden geregeld bedreigd, aangevallen en ontvoerd.
Oxfam doet inspanningen om mensen vaardigheden aan te leren en kansen te bieden een eigen inkomen te verwerven zodat ze niet langer afhankelijk zijn van externe hulp. Zo worden er bijvoorbeeld loodgieters, smeden, dierenartsen en timmerlieden gevormd. Daar waar het veilig is worden zaden, werktuigen en ploegen ter beschikking gesteld. We hebben ook ezels en andere dieren bezorgd.
OXFAM IN DARFOUR
Oxfam werkt al meer dan twintig jaar in Darfour. Sinds de droogte van 1985 zijn we actief gebleven in de regio, om de lokale bevolking te helpen met gezondheidsprojecten en het zorgen voor een inkomen. Dankzij de uitgebreide lokale kennis en onze sterke relaties met de lokale gemeenschappen en organisaties die we de voorbije twintig jaar hebben opgebouwd, konden we de huidige crisis beter inschatten en zorgen voor de nodige hulp.
foto’s Adrian McIntyre/OXFAM

]
Facebook
Twitter
YouTube
Flickr
Newsletter
