[Het onvermogen van een moeder in Oost-Afrika]

Oost-Afrika

18 augustus 2011

Het onvermogen van een moeder in Oost-Afrika

Ik heb altijd gedacht dat je eigen kind begraven de meest traumatische ervaring moet zijn die je als moeder kunt meemaken, de natuurlijke gang van zaken volledig verdraaid. Als je kind dan nog sterft omdat je het geen eten kunt geven, wordt de pijn van het verlies nog vergroot door het onvermogen niet te kunnen voldoen aan je primaire moederinstinct: je kinderen voeden.

JPEG - 30 kB
Namanakwee Ngamor in Turkana

Wanneer Namanakwee Ngamor me vertelt hoe ze nog geen maand geleden haar zoon heeft verloren aan de hongerdood, spreekt uit haar ogen dan ook meer dan pijn. “Mijn zoon was vijf. Hij werd zwakker en zwakker en ik kon hem alleen maar wilde vruchten geven. Wekenlang deden we het zonder voedsel en mijn zoon kon het niet langer trekken”, zegt ze. In haar handen houdt ze een lege zak waarin ze straks haar portie voedsel zal bewaren die Oxfam in Kanukurdio verdeelt. In het noorden van Kenia, onder meer in dit dorp, heeft de crisis in Oost-Afrika het hardst toegeslagen en worden meer dan 15 miljoen mensenlevens bedreigd.

Eerst de dieren, dan de mensen

De honger nestelt zich langzaam en treft eerst de zwaksten, voornamelijk kinderen en ouderen. Maar ook bij de volwassenen laten de effecten zich steeds meer zien. Moeders, wiens lichaam reeds beproefd werd door jaren schaarste, zijn erg verzwakt en kunnen elk moment bezwijken. Mary moest net nog afscheid nemen van haar dochter, moeder van twee kinderen en bezweken aan complicaties die volgens deze vijftigjarige vrouw het gevolg waren van aanhoudende honger en dorst. Honger en dorst die de natuurlijke gang van zaken verdraaien.

De inwoners van deze streken weten ook niet waar deze droogte vandaan komt, waarom het al vijf jaar niet geregend heeft, of hoe ze verder moeten nu ze bijna 60 % van hun veestapel verloren hebben. Hun geiten, schapen, koeien en zelfs hun kamelen kwijnen langzaam weg, en daarmee ook hun enige bron van inkomsten. “Wanneer de dieren bezwijken, weten we dat wij, mensen, daarna aan de beurt komen”, wanhoopt Mary Nsaniana.

Wachten op hulp en regen

Er moet dringend ingegrepen worden om te vermijden dat er nog meer dodelijke slachtoffers vallen. "We hebben graan nodig, om onze kinderen pap te kunnen geven, voor het te laat is", schreeuwt Aite Eknoba, terwijl ze haar twee door honger getekende kinderen, Apúa en Evei, tracht recht te houden. Na drie weken niets anders te eten dan edapal, een wilde vrucht die in de streek groeit, zijn ze zo verzwakt dat ze geen vaste voeding meer binnenhouden. Als hun moeder niet snel voedsel voor hen vindt, zal de natuurlijke gang van zaken in Nakinomet, waar 4.400 mensen volledig op humanitaire hulp zijn aangewezen, nog maar eens verdraaid worden.

Deze gemeenschap heeft al 4 kinderen aan de hongerdood verloren, 626 andere zijn ondervoed. Uit recente metingen in de Turkanaregio blijkt dat 37 % van de kinderen er tekenen van ondervoeding vertonen. Wat we echter niet kunnen meten is de graad van onvermogen van deze moeders, die gedwongen zijn de komst van humanitaire hulp af te wachten om hun kinderen een paar dagen langer te kunnen voeden.

Aite, Mary en Namanakwee zijn slechts drie van de duizenden vrouwen die door de crisis getroffen worden en geen voedsel meer vinden, niet voor zichzelf maar ook niet voor hun kinderen. Voor hun mannen, ooit trotse nomadische veehoeders, zit er niets anders op dan te wachten op de zo verhoopte komst van de regen. Door gebrek aan grasland en het etnisch conflict in sommige grenszones zitten de gemeenschappen hier vast, en zijn ze ertoe genoopt dit dramatisch wachten nog even vol te houden.

Ondernemende vrouwen

JPEG - 22.7 kB
Alice Atanbo in Turkana

Maar in afwachting van, blijven niet alle moeders bij de pakken zitten. In Mila Matatu, een ander getroffen dorp in de regio, ontmoette ik Alice Atabo, door Oxfam aangesteld om te helpen bij de voedselbedeling. Deze ondernemende vrouw heeft een kleine voedingswinkel uit de grond gestampt voor de gemeenschap. "Alles is begonnen toen ik besliste om een klein deel van het geld dat ik van Oxfam kreeg via een ‘cash-voor-werk’-programma te gebruiken om producten als melk, suiker en bloem te kopen. Zodra de mensen vernamen dat ze in mijn winkeltje terecht konden voor basisproducten, stroomden ze van alle kanten toe. Na een tijdje kon ik teruggaan om meer krediet te vragen en zo mijn winkel verder aanvullen. Ik ontvang ook de voedselrantsoenen voor de zwakste families, die ze bij mij kunnen ophalen”, licht Alice toe.

“De voedselbedeling vindt vandaag plaats, en de mensen wachten vol ongeduld, hun rantsoenkaart in de hand, want ze hebben niets meer te eten”, vertelt ze ons met in haar armen de jongste van haar acht kinderen, een glimlachende baby die met de halskettingen van zijn moeder speelt. Alice weet dat ze zich gelukkig mag prijzen, want ze kan haar kinderen te eten geven.

Oxfam doet aan hulpverlening in de regio en verdeelt er voedingsproducten aan 200.000 mensen. Reeds jaren werkt de organisatie samen met de herdersgemeenschappen: ze ondersteunt de aanleg van waterputten, heeft er ‘cash-voor-werk’-programma’s lopen en begeleidt de veehoeders in hun zoektocht naar alternatieve duurzame bestaansmiddelen.

Irina Fuhrmann, media- en beleidsmedewerker Oxfam Intermón

Oost-Afrika heeft uw hulp nog steeds nodig

Vandaag nog kunt u uw steentje bijdragen om deze crisis aan te pakken en mensenlevens te redden. Elke financiële bijdrage, hoe klein ook, kan het verschil maken.

  • Schenk uw bijdrage online of
  • stort op BE37 0000 0000 2828 met code ’9108 - Oost-Afrika noodhulp’.