Gezondheid

24 mei 2011

Gezondheid, te duur voor bevolking in het Zuiden

Vijf jaar na de Doha Verklaring wachten mensen in ontwikkelingslanden nog altijd op betere gezondheidszorg. Goedkope, levensreddende geneesmiddelen blijven ondanks gemaakte beloften onbereikbaar. (dec. 2006)

Hoewel de wereldleiders vijf jaar geleden tijdens de Ministerile Conferentie van de WTO al een formele handelsovereenkomst tekenden om gezondheid voorrang te geven op winst, kunnen overheden van ontwikkelingslanden de voorziene beschermingsmaatregels niet inroepen om de volksgezondheid veilig te stellen.

In een rapport dat Oxfam Internationaal vandaag publiceert, Patenten vs patiënten”: vijf jaar na de Doha Verklaring (Patents vs Patients: Five years after the Doha Declaration)laat de organisatie duidelijk zien hoe rijke landen zich weinig of niets aantrekken van gedane beloften. In sommige gevallen saboteren ze de Verklaring zonder meer.

De Doha Verklaring stelt dat ontwikkelingslanden beschermende maatregelen kunnen nemen voor de volksgezondheid, zoals dat voorzien is in de WTO-reglementering van de intellectuele eigendom (de TRIPS). Op die manier zouden ze toegang hebben tot goedkopere generische versies van gepatenteerde geneesmiddelen. De generische competitie is de meest eerlijke manier om de prijs van geneesmiddelen laag te houden, zegt Oxfam.

“De rijke landen hebben de geest van de Doha Verklaring gebroken” zegt Xavier Declercq, directeur mobilisatie bij Oxfam-Solidariteit. De geest van de Verklaring zat goed, maar er was nog politieke actie nodig om ze ook werkbaar te maken. En die is uitgebleven. We hebben stappen achteruit gezet. De mensen zijn nog steeds nodeloos ziek of sterven.”

Prijs van geneesmiddelen te hoog

Sinds 2001 is de situatie voor zieke mensen in ontwikkelingslanden verslechterd:
- er kwamen meer dan 4 miljoen nieuwe hiv-besmettingen bij in 2005;
- kanker was eens de ‘last van de rijken’, nu worden steeds meer mensen in ontwikkelingslanden erdoor getroffen. Tegen 2020 zou het aantal zieken verdubbelen, met 60% nieuwe kankerpatinten in de ontwikkelingslanden;
- diabetes is de voorbije 20 jaar van 30 miljoen naar 230 miljoen zieken gevolueerd. En de meeste nieuwe gevallen worden in de armere landen genoteerd.

Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) bestaat er nog een monopolie op 74% van de aidsgeneesmiddelen. 77% van de Afrikanen heeft geen toegang tot een aidsbehandeling. 30% van de wereldbevolking heeft nog steeds geen toegang tot basisgeneesmiddelen.

Hiervoor zijn meerdere verklaringen, maar de belangrijkste reden is dat de rijke landen, in het bijzonder de VS, de ontwikkelingslanden onder druk zetten om strengere regels rond eigendomsrecht te aanvaarden zodat monopolies van de farmaceutische industrie niet in het gedrang komen. De generische competitie wordt dus tegengehouden en de prijzen van geneesmiddelen blijven hoog.

“De gezondheidsstatistieken zijn wereldwijd slecht, toch blijven de VS over handelsakkoorden met strikte regels onderhandelen zodat een land ‘de bescherming van de volksgezondheid’ slechts in zeer beperkte mate kan inroepen”, zei Xavier Declercq.

Als deze akkoorden toegepast worden, zal een land als Colombia tegen 2020 per jaar 940 miljoen dollar extra nodig hebben om de toenemende kosten van geneesmiddelen te dekken. Het gaat om bijna 6 miljoen patinten. Eenzelfde situatie in Peru waar de prijs van geneesmiddelen in 10 jaar met 100% zou kunnen stijgen en met 162% in 18 jaar.

Andere rijke landen, vooral de EU-lidstaten, hebben zich stilzwijgend akkoord verklaard met het VS-initiatief. Farmaceutische bedrijven gaan zelfs nog verder door landen als India en de Filippijnen, die de ‘beschermingsclausule’ wilden toepassen, rechtstreeks uit te dagen.

India aangeklaagd door Novartis

In 2005 beriep een groep van kankerpatinten in India zich op de wetgeving over intellectuele eigendom om de patentenregeling van de Zwitserse Novartisgroep voor zijn kankerbestrijdend medicijn Glivec te stoppen. Daardoor konden Indische bedrijven doorgaan met de productie van de generische versie aan 2.700 dollar per patint per jaar, in tegenstelling met Novartis dat een monopoliepositie bekleedde en voor een jaar medicatie per patint 27.000 dollar aanrekende.

Onlangs tekende Novartis beroep aan tegen de uitspraak van de rechtbank in een rechtstreekse aanval op het recht van India om de TRIPS-overeenkomst te interpreteren in de zin dat de volksgezondheid kan beschermd worden. Indien Novartis gelijk krijgt, kan dit de generische exportindustrie in India in het gedrang brengen. India is wereldleider in de export van generische geneesmiddelen. 67% van die export is bestemd voor de ontwikkelingslanden.

Novartis zei aan Oxfam dat er in India geen commercile markt is voor Glivec. Het klaagt India aan en dringt erop aan dat de Indische regeling voor het intellectueel eigendomsrecht in lijn gebracht wordt met TRIPS,” zegt Declercq. “Maar India probeert alleen de flexibiliteitregeling, die binnen TRIPS voorzien is, te gebruiken. En Novartis wil dat van bij het begin al onmogelijk maken.”

Recht op bescherming, een lege doos?

In de Filippijnen heeft de overheid ondertussen testen uitgevoerd en een regulerende goedkeuring uitgevaardigd voor een goedkopere, gepatenteerde versie van Novarsc, een middel tegen hartkwalen dat nu nog gepatenteerd is voor de Amerikaanse firma Pfizer. De overheid doet dit om zeker te zijn dat een goedkopere versie van Novarsc zal beschikbaar zijn zodra het patentrecht in juni 2007 verlopen is.

Oxfam is overtuigd dat de overheidsactie in overeenstemming is met het TRIPS-akkoord en met de Filippijnse wet op intellectuele eigendom. Nochtans heeft Pfizer de overheid aangeklaagd. Indien Pfizer dit wint, zullen de regering veel minder mogelijkheden resten om toegang te hebben tot goedkopere geneesmiddelen en haar recht te verdedigen om de TRIPS-beveiliging door te drukken.

“Ontwikkelingslanden hebben de verantwoordelijkheid om de volksgezondheid te beschermen door gebruik te maken van veiligheidsmaatregelen, maar zodra ze dit doen worden ze zwaar onder druk gezet”, zegt Declercq nog.

Oxfam vraagt

Om te garanderen dat de Doha Verklaring werkt, vraagt Oxfam dat:
- de WTO de impact van het TRIPS-akkoord herbekijkt om zeker te zijn dat alle leden de volksgezondheid kunnen beschermen,
- de VS stoppen met landen onder druk te zetten om strengere regels op intellectuele eigendom toe te passen, vooral via haar vrijhandelsonderhandelingen,
- de EU duidelijk maakt dat zij niet zal aandringen op TRIPS-plus maatregelen binnen de Europese Partnerschapsakkoorden (EPA) en dat zij aan ontwikkelingslanden de ruimte biedt om de TRIPS-flexibiliteiten vrij toe te passen,
- rijke landen technische en politieke steun geven aan landen in ontwikkeling om de beviliging binnen de TRIPS-akkoorden te gebruiken en zo de toegang tot betaalbare geneesmiddelen te verzekeren,
- ontwikkelingslanden de politieke wil opbrengen om de beveiliging van de volksgezondheid ook effectief te toe te passen,
- een einde wordt gesteld aan de rechtszaken die Novartis en Pfizer momenteel hebben aangespannen tegen ontwikkelingslanden.

“Rijke landen moeten hun beloften waar maken en ermee stoppen om de Doha verklaring te ondermijnen met egostische acties”, zei Declercq. Meer dan ooit hebben we een globaal handelssysteem nodig dat gezondheid voorang geeft op winst en dat geneesmiddelen betaalbaar maakt voor iedereen.”

Voor persinformatie:

- Xavier Declercq, directeur mobilisatie bij Oxfam-Solidariteit

tel. 02 501 67 13 — gsm: 0475 220 791

- Etienne De Belder, onderzoeker handel en ontwikkeling

tel. 02 501 67 56 — ede (at) oxfamsol.be

- Het volledige rapport "Patents vs Patients: Five Years after the Doha Declaration" (Engelse versie):

PDF - 345 kB
Rapport Doha + 5