Vrede en veiligheid

25 februari 2008

Geen ontwikkeling zonder ontwapening

Oxfam-Solidariteit is ervan overtuigd dat ontwikkeling en ontwapening onlosmakelijk verbonden zijn. Via publieksacties, lobbywerk en de samenwerking met andere organisaties proberen we die visie in de praktijk om te zetten. Het septembernummer van ons huistijdschrift Globo staat helemaal in het teken van ontwapening en ontwikkeling.

Lees deze Globo online! (pdf-formaat)


Ontwikkeling kan niet zonder ontwapening

De visie en het beleid van Oxfam-Solidariteit steunen op twee pijlers: ontwikkeling n ontwapening. Historisch gaat die keuze terug tot de oprichter en eerste voorzitter van Oxfam- Solidariteit, Antoine Allard. Hij was een overtuigd pacifist die onder meer ten tijde van de Koude Oorlog pogingen ondernam om Oost en West te verzoenen.

Die beleidsvisie was onder meer genspireerd op het oprichtingsverdrag van de VN, dat eveneens de elementen ontwikkeling en ontwapening naar voren schuift. Het een kan niet zonder het ander, ontwikkeling kan er alleen maar komen als er veiligheid is, en omgekeerd. Om het recht op veiligheid te verwezenlijken, is ontwapening een noodzakelijke voorwaarde.

Oxfam-Solidariteit is lid van een aantal coalities, zoals Control Arms en van groepen die werken rond de thema’s uraniumwapens en clusterbommen.

Op beleidsvlak is Belgi een voortrekker in de wapenproblematiek, het was het eerste land met een wet over clusterwapens n een verbod op de financiering van de productie ervan. Belgi is al langer een voortrekker in het dossier rond antipersoonsmijnen. Anderzijds zijn er ook grote probleempunten. Zo werd in 2003 de wapenexport geregionaliseerd, waardoor die beter gecontroleerd zou kunnen worden. Uit het rapport van het Vredesinstituut van 2006 bleek echter dat Vlaanderen exportvergunningen voor Isral goedkeurde toen dat land in oorlog was met Libanon… De regionalisering zorgt duidelijk niet voor een betere controle en voor de naleving van de wetten ter zake. Is het dan niet beter de materie weer te federaliseren?

Impact van wapens niet onderschatten

Op het terrein zien we dagelijks waarom het werk rond ontwapening zo belangrijk is. Onze ervaring in conflicthaarden en in postconflictsituaties leert dat ontwikkeling enkel kan in een situatie van veiligheid. In Congo is de ongebreidelde wapenhandel niet de oorzaak van het conflict of de ellende, maar de vele wapens vergroten wel het lijden, de omvang van het conflict en het aantal slachtoffers. (zie p.6). Die analyse is net zo goed te maken in Soedan, Colombia (zie p.7) of het Midden-Oosten. In Centraal-Amerika werden tien jaar geleden de laatste vredesakkoorden gesloten, in 1995 gebeurde dat in Guatemala. Vandaag zijn daar nog een ontzaglijke hoeveelheid wapens in omloop. Die zorgen onder meer voor een hoge criminaliteitsgraad, maar ze worden ook door privmilities gebruikt om landbouwers af te dreigen of van hun land te jagen. Feminicide, massamoord op vrouwen, is een groot probleem in Guatemala en de vlotte beschikbaarheid van wapens leidt tot een toename van het aantal slachtoffers in het land.

Wetgeving bestaat, maar…

Er bestaan heel wat wetten, codes en verdragen rond allerlei wapensoorten, op nationaal of regionaal niveau, zoals de Europese Gedragscode over wapenuitvoer. Op dit moment bestaat nog geen afdwingend internationaal verdrag dat de handel in conventionele wapens controleert, hoewel die wapens het meeste leed veroorzaken en het meeste slachtoffers maken. Daarom is het zo belangrijk dat 153 landen eind vorig jaar het principe van een VN-wapenhandelsverdrag steunden. Dat bekent dat de politieke wil bestaat om een dergelijk verdrag op te stellen (zie p.8).

De wapenhandel kan onder controle gebracht worden mits het nemen van een aantal stappen. Zo moet de bestaande wetgeving afdwingbaar gemaakt worden, Belgi bijvoorbeeld moet die wetgeving transparanter maken. Verder moet de wetgeving rond wapens ook opgelegd worden aan bedrijven en aan banken. Oxfam Novib publiceerde in juni het rapport “Nederlandse banken en de wapenindustrie”, een onderzoek naar de betrokkenheid van ABN AMRO, Fortis, ING en Rabobank bij die industrie. In Belgi werken Netwerk Vlaanderen, Vredesactie, Vrede, Friends of the Earth en Rseau Financement Alternatif eveneens rond dat thema. (zie p.10).

Daarnaast is het ook hoog tijd om de bestaande internationale regelgeving naar het nationale niveau om te zetten, zoals de Europese Gedragscode –iets wat Belgi al deed. Anderzijds zouden bepaalde nationale wetten naar het internationale niveau moeten gebracht worden. De wetgeving moet dus getrapt zijn en alle beleidsniveaus omvatten.

De privatisering van de veiligheid is eveneens onrustwekkend, de huurlingen van vroeger zijn vandaag een fenomeen op industrile schaal geworden. Het Amerikaanse leger besteedt in Irak veiligheidsopdrachten in grote mate uit aan privmilities en Guatemala telt meer privmilities dan reguliere ordediensten. Sommige milities opereren internationaal en doen aan economische schaalvergroting waardoor ze goedkoper zijn. Overheden schakelen hen steeds meer in om de nationale strijdkrachten aan te vullen, terwijl ze een onduidelijk statuut hebben en het niet duidelijk is onder welke wetgeving ze vallen.

Het thema wapens, ontwapening en veiligheid blijft hoog op de agenda van Oxfam-Solidariteit staan. Via publicaties en activiteiten wijzen we het publiek op het belang van het samengaan van ontwapening en ontwikkeling, we interpelleren de overheid over dossiers, zoals de levering van wapens aan Isral of de situatie in Congo. Verder blijven we ons inzetten voor campagnes als Control Arms en blijven we samenwerken met organisaties als Vrede, Vredesactie, GRIP en het CNAPD. Want ontwikkeling en ontwapening zijn onlosmakelijk verbonden.

Stefaan Declercq, Algemeen voorzitter Oxfam-Solidariteit