Europa streeft eigenbelang na in handel met armste landen

De onderhandelingen voor Economische Partnerschapsakkoorden tussen de ACS-landen en de EU startten 7 jaar geleden. Al die tijd zette de EU de Zuidlanden onder druk om verregaande vrijhandel te aanvaarden, zonder oog te hebben voor de gevaren en beperkingen. Op 27 september protesteren ngo’s uit Noord en Zuid tegen dit kortzichtige handelsbeleid.
Op zondag 27 september is het 7 jaar geleden dat de Europese Unie onderhandelingen opstartte voor Economische Partnerschapsakkoorden (EPA’s) met 76 arme landen uit Afrika, de Caraïben en de Stille Oceaan (ACS-landen). Maar EPA’s zijn een mooie naam voor verregaande vrijhandelsakkoorden. Ngo’s uit Europa en de ACS-landen organiseren op 27 september “Stop EPA-dag”, een protestdag tegen het egocentrische Europese handelsbeleid.
Recht op een regionaal Gemeenschappelijk Landbouwbeleid
Net zoals de Europese boeren streven ook de Afrikaanse naar een regionaal Gemeenschappelijk Landbouwbeleid dat hen steunt en beschermt, zodat ze van hun land en hun arbeid kunnen leven en hun familie kunnen voeden. Afrikaanse boeren willen dat hun regering hen beschermt tegen goedkope invoer zodat ze zelf kippen kunnen kweken en uien, tomaten, rijst en melk kunnen produceren. Zij willen de tijd krijgen om te investeren en hun productiviteit te verbeteren. Dit impliceert dat hun regering invoertaksen moet kunnen gebruiken als instrument van plattelandsontwikkeling.
De Europese Commissie vindt evenwel dat de Afrikaanse boeren niet competitief zijn en dat ook niet hoeven te worden. “West-Afrika moet geen melk produceren”, zei de Europese Commissie onlangs nog tegen de West-Afrikaanse onderhandelaars. Misschien vandaar dat minister van Ontwikkelingssamenwerking Charles Michel onlangs voorstelde om onze melkoverschotten in de vorm van melkpoeder aan Afrika weg te geven om daar het probleem van de honger op te lossen? Afrika moet zijn invoertaksen afschaffen en de vrije markt laten spelen. Het moet zich concentreren op de export en zijn voedsel op de internationale markt aankopen.
Maar we hebben gezien wat dat oplevert: de Afrikaanse voedselproductie is de afgelopen decennia schromelijk verwaarloosd zodat de prijsverhogingen op de wereldmarkt een verschrikkelijke voedselcrisis hebben veroorzaakt die jaren van armoedebestrijding heeft tenietgedaan en het aantal armen en mensen die honger lijden met miljoenen heeft doen toenemen. Toch houdt Europa voet bij stuk: de vrijhandelsakkoorden of EPA’s zullen Afrika ontwikkeling brengen.
EPA’s komen met tal van verplichtingen
Voor de Europese Commissie mogen die EPA’s zich niet beperken tot de afschaffing van de invoertaksen op Europese producten, maar moeten ze de ACS-landen verplichten om:
hun markten te openen voor Europese diensten en investeringen;
te investeren in een betere bescherming van Europese intellectuele eigendomsrechten (octrooien, auteursrechten, merken, enz), inclusief geografische benamingen (porto, feta, parma, enz);
te zorgen dat de Europese producten, diensten en bedrijven minstens dezelfde behandeling krijgen als de lokale;
de overheidsaanbestedingen –instrument bij uitstek om zuurstof te pompen in de lokale economie - open te stellen voor Europese bedrijven;
de exporttaksen op de uitvoer van hun grondstoffen af te schaffen. De ACS-landen mogen namelijk hun natuurlijke rijkdommen en landbouwgrondstoffen niet voorbehouden voor lokale verwerking, maar moeten de vrije uitvoer ervan verzekeren naar Europa.
Op deze manier zullen de ACS-landen investeringen aantrekken en die zullen ontwikkeling brengen.
Er zijn helaas geen bewijzen dat dit schema tot duurzame ontwikkeling leidt, behalve dan voor de Europese uitvoer, de Europese dienstenbedrijven en Europese fabrieken die schreeuwen om goedkope grondstoffen, ertsen en brandstof. De Europese Unie mag het dan wel bij hoog en bij laag ontkennen, het Europese eigenbelang in de EPA’s is overduidelijk.
"Hulp voor handel", een lachertje
De meerderheid van de ACS-landen vreest de concurrentie van de Europese invoer en de hoge kosten van de uitgebreide en diepgaande hervormingen die de EPA’s opleggen. De afschaffing van de invoertaksen doet hun overheidsinkomsten dan weer dalen. De ACS-landen hopen dat de EU een grote bijdrage zal leveren aan de financiering van de uitvoering van de EPA’s. Maar helaas, de EU wil wel een aantal enveloppes verschuiven naar wat ze “hulp voor handel” noemt, maar ze legt nauwelijks nieuwe middelen op tafel. De hulp voor handel die de komst van de EPA’s moet voorbereiden, is bovendien de voorbije jaren sterk gedaald.
Ondertussen draagt de Europese Unie, net zoals de andere geïndustrialiseerde landen en blokken, een zeer grote verantwoordelijkheid voor de crisissen die de planeet en de wereldbevolking vandaag teisteren. De voedselcrisis, de klimaatcrisis, de financiële en de economische crisis hebben stuk voor stuk te maken met een te groot vertrouwen in de magie van de vrije markt.
Nu zijn de wereldleiders (hopelijk!) op zoek naar nieuwe instrumenten om de markt te beheersen. Misschien mag het daarbij in de EU ook opkomen dat het geen zin heeft om de ACS-landen te dwingen akkoorden af te sluiten die hun economisch beleid voor de komende 15 tot 25 jaar betonneren. Zeker niet nu de toekomst onzeker is en een dringend overheidsoptreden noodzakelijk is om de wereldeconomie meer op principes van duurzame ontwikkeling te stoelen.
De EPA’s hebben de ACS-landen grondig verdeeld en hun regionale integratie grote schade toegebracht. De EU moet hen de nodige beleidsruimte laten om met vallen en opstaan, zoals Europa zelf, hun eigen regionale ontwikkeling te bepalen en de nodige hervormingen te identificeren volgens hun mogelijkheden en noden. Die beleidskeuzes moeten gebaseerd zijn op wat de eigen bevolking wil en niet op richtlijnen die van buitenaf worden opgedrongen. De EU moet democratische processen ondersteunen in plaats van zich te bedienen van vrijhandelsakkoorden die uitblinken in een groot gebrek aan transparantie en inspraak.
De EU, nota bene, is geen abstract gegeven dat zomaar autonoom beslissingen neemt. Alle lidstaten nemen elke dag deel aan het Europese beleid. Ook de Vlaamse en Belgische regering doen dat, al slagen ze er allebei zeer goed in om daar zoveel mogelijk over te zwijgen en hete aardappels als deze door te schuiven.
Xavier Declercq (Oxfam-Solidariteit), Gert Engelen (Vredeseilanden) en Marc Maes (11.11.11)
Meer info:
Lees hier de brief die naar de Belgische en Europese beleidsmakers gestuurd werd
Katrien Vervoort, beleidsmedewerkster Sociale basisdiensten bij Oxfam-Solidariteit
Tel. 02 501 67 56 — gsm: 0494 23 02 53
http://epawatch.eu/


Facebook
Twitter
YouTube
Flickr
Newsletter
