Aardbevingen zijn dodelijkste natuurramp

Volgens cijfers van het Belgische onderzoekscentrum CRED waren aardbevingen de voorbije tien jaar dodelijker dan andere natuurrampen. Toch verschilt de impact van een aardbeving, hoe zwaar ook, van land tot land.
Bij natuurrampen tussen 2000 en 2009 stierf 60% van de mensen door een aardbeving, 22% door stormen en 11% door extreme temperaturen. Volgens Femke Vos, onderzoekster bij het Centre for Research on Epidemiology of Disasters (CRED) komt dit vooral omdat aardbevingen erg plots gebeuren en een onmiddellijke impact hebben. Bij andere natuurrampen, zoals droogte, vallen minder doden omdat mensen tijd hebben om zich voor te bereiden en aan te passen. Bovendien komen aardbevingen vaak voor in ontwikkelingslanden. Daar leven de armste mensen dicht op elkaar, er zijn nauwelijks of geen bouwcodes en de infrastructuur is gebrekkig.
Daarom besteedt Oxfam veel aandacht aan Disaster Risk Reduction (DRR). Oxfam wil de risico’s bij rampen verminderen:
door de bevolking minder kwetsbaar te maken,
beter voor te bereiden op dreigende rampen,
maatregelen te treffen om de gevolgen van die rampen te beperken,
aan preventie te doen.
Via DRR wil Oxfam de oorzaken die aan de basis liggen van de vele doden aanpakken: de armoede, de slechte infrastructuur, de sociale basisvoorzieningen,…
Haïti versus Chili
Dat de impact van een aardbeving niet overal even groot is, bewezen de laatste twee aardbevingen in Haïti en Chili. Hoewel Chili getroffen werd door een zwaardere aardbeving (8,8 op de schaal van Richter), vielen daar minder dodelijke slachtoffers dan bij de aardbeving in Haïti (7,3 op de schaal van Richter).
Het epicentrum van de aardbeving in Haïti lag in een dichtbevolkt gebied, het epicentrum in Chili in een minder dichtbevolkt kustgebied. Maar er zijn nog andere belangrijke verklaringen voor het verschil in impact. Chili had vóór de aardbeving al een betere infrastructuur, was meer ontwikkeld en had een regering die beter kon reageren en die meer middelen had. Haïti was vóór de aardbeving al bijzonder arm en was bovendien nog niet bekomen van de vorige natuurrampen (meerdere dodelijke orkanen in 2008).
Verschil in impact, verschil in aanpak
Het verschil in impact verklaart ook het verschil in aanpak van Oxfam in de twee landen.
Haïti heeft meer nood aan internationale hulp dan Chili. De regering van Chili doet slechts gerichte oproepen voor internationale hulp en heeft de situatie veel meer onder controle dan de Haïtiaanse regering.
Oxfam International kon al meer dan 204.000 mensen helpen in Haïti. De organisatie plant een noodhulpprogramma van 6 maanden en investeert in lange termijnprojecten. De focus van haar hulpprogramma ligt op water, sanitair en onderdak, hygiëne, geld-voor-werk-programma’s, steun aan de landbouw en kwijtschelding van de schuld.
Op basis van de eerste bevindingen plant Oxfam International in Chili een noodhulpprogramma van 3 maanden. Er zal vooral gewerkt worden in de drie meest getroffen regio’s, waarbij de focus ligt op de distributie van emmers, hygiënekits, water, voedsel en medisch materiaal.
Oxfam-Wereldwinkels heeft een tiental partners in Chili. Twee medewerkers van OWW reisden naar Chili en maakten een overzicht van de schade bij hun producenten. Hun vaststellingen en de prioriteiten van de producenten zullen samen bepalen hoe het concrete investeringsplan er zal uitzien. Oxfam-Wereldwinkels doet niet aan noodhulp, maar engageert zich maximaal voor structurele steun bij de heropbouw.
Meer info:

]
Facebook
Twitter
YouTube
Flickr
Newsletter
