Mediatheek

11 december 2006

2 jaar na de tsunami: geen grond, geen huis voor meer dan 25.000 gezinnen in Atjeh

Meer dan 25.000 arme en landloze gezinnen in Atjeh (Indonesië) vallen uit de boot bij de wederopbouw. Bijna twee jaar nadat de tsunami al hun bezittingen wegspoelde en hun grond verwoeste, wachten ze nog altijd op een nieuwe woning, aldus Oxfam International.

In Atjeh loopt het grootste programma voor wederopbouw van alle ontwikkelingslanden. Er werd al veel werk gepresteerd, dank zij de enorme generositeit van de internationale gemeenschap en de snelle hulpverlening door de Indonesische overheid. Tot nu toe werd een derde van de 128.000 nodige woningen gebouwd.

Maar een van de grootste obstakels bij de nieuwe huisvesting van de landlozen blijft precies de toegang tot een bouwperceel. Vele landlozen blijven smachten naar een eigen plek: in tijdelijke kampen met voorlopige woningen waar vele gezinnen opeengepakt in een kleine ruimte, vaak in onhyginische omstandigheden, leven.

Rapport: Recht op grond

Oxfam publiceert een nieuw rapport: “Twee jaar na de tsunami. Recht op grond in Atjeh”. Daarin dringt de organisatie er bij de Indonesische overheid op aan om de mensen zonder grond zo snel mogelijk en op een rechtvaardige manier te helpen.

“Atjeh heeft fantastische inspanningen geleverd om zich te herstellen na de tsunami”, zei Kristien Vliegen, medewerkster van de Noodhulpcel bij Oxfam-Solidariteit. Maar het kan niet dat zovele landlozen - krakers, huurders en heel veel vrouwen – de crisis nog steeds niet kunnen te boven komen omdat ze geen idee hebben waar, wanneer en hoe ze een beter leven zullen kunnen opbouwen.

Bij gebrek aan een duidelijk beleid voor landlozen is de onzekerheid gegroeid en ging enorm veel tijd verloren. Het risico is groot dat deze mensen de toekomstige bewoners van de sloppenwijken worden, ook al werden na de tsunami nooit eerder geziene hoge bedragen ter beschikking gesteld door de meevoelende internationale gemeenschap.”

De streek van Atjeh, de noordelijke provincie van het eiland Sumatra, werd het zwaarst getroffen door de tsunami van 26 december 2004. Ongeveer 169.000 mensen vonden de dood, 600.000 mensen werden dakloos en 141.000 huizen werden verwoest.

Atjeh vormt dan ook het omvangrijkste project voor wederopbouw in de ontwikkelingslanden. In zijn rapport wijst Oxfam op de moeilijkheden die nog dienen aangepakt.

Zonder bewijzen geen grond

- De meeste eigendomstitels van grond werden vernietigd of zijn onleesbaar geworden. Er werden 15 ton documenten naar Djakarta gestuurd om gerestaureerd te worden.

- De meeste mensen hebben alle identiteitsbewijzen kwijtgespeeld.

- Stukken land kwamen onder water te staan. Tot 15 percent van de landbouwgrond in het Westen van Atjeh ging definitief verloren.

- Er werden heel wat erfenissen opgeist.

- Bomen en weggetjes die de grenzen van percelen land aanduidden, werden weggespoeld.

“Huizen weer opbouwen zonder te weten wie eigenaar is van het perceel, zou in de toekomst voor problemen kunnen zorgen”, zei Stefaan Declercq. “Dit wordt waarschijnlijk een uiterst traag en moeizaam proces. Oxfam heeft in Atjeh met tientallen dorpen samengewerkt om te helpen beslissen hoe de grond opnieuw kan toegewezen worden zodat iedereen een plek heeft om te leven.”

Zowat 10.000 gezinnen waren vr de tsunami al eigenaar van een perceel. Maar dat werd verwoest of kwam onder water te staan. En dus moeten ze elders terecht kunnen. De Indonesische overheid heeft 700 ha grond voor hen gekocht, maar alles gaat heel traag vooruit: er zijn nog maar 700 huizen gebouwd en afgewerkt.

Er waren nog veel meer inwoners van Atjeh die een huis huurden, of die illegaal op een stuk priv-terrein of op een perceel van de overheid woonden. 15.000 van die gezinnen hebben een nieuw terrein nodig om op te wonen. Zij komen niet in aanmerking voor een stuk grond of een woning, en kregen een financile tegemoetkoming. Oxfam vreest dat dit niet volstaat. Omdat alles zo bijzonder traag opschiet, zal hun geld snel opgedroogd zijn, gezien de hoge inflatie in Atjeh. Zij zullen de periode voordat een nieuwe woning klaar is, niet kunnen overbruggen.

Deze grote groep van hulpbehoevenden verblijft nog in de tijdelijke kampen. Daarom vraagt Oxfam dat de Indonesische overheid nieuwe maatregelen neemt om de landlozen, de huurders en de landbezetters beter te beschermen.

De organisatie vraagt:

- een belofte van de Indonesische overheid en de niet-gouvernementele organisaties (ngo’s) om een duurzame oplossing uit te werken voor de problematiek van de tijdelijke kampen;

- een betere samenwerking tussen overheid en ngo’s in Atjeh om een aantal keuzemogelijkheden te voorzien voor huurders en landbezetters;

- daar waar mogelijk een proces in gang te zetten om de herhuisvesting van dorp tot dorp aan te pakken, in overleg met alledorpsbewoners;

- de huurovereenkomsten te herstellen.

Meer info:

Kristien Vliegen, medewerkster Noodhulpcel bij Oxfam-Solidariteit
Tel. 02 501 67 40 — kristien.vliegen (at) oxfamsol.be Achtergrond:

1.De schade in Atjeh wordt op 4,5 miljard dollar berekend. Een vierde van de bevolking van Atjeh werd werkloos door de tsunami.

2.Meer dan 150.000 ha landbouwgrond ging verloren voor de landbouw omdat deze door modder en zeewater werd bedekt.

3.Oxfam heeft hulp geboden aan meer dan 474.000 mensen. Het leverde meer dan 40 miljoen liter water en bezorgde werk aan meer dan 100.000 mensen, bouwde 30 bruggen en legde meer dan 100km wegen aan. Tot september 2006 besteedde Oxfam in Atjeh 67 miljard dollar en het zal in vier jaar 104 miljard dollar besteden.

4.De Indonesische overheid zal 600.000 percelen land toewijzen via een Reconstructieplan van de Landhervormingmaatschappij van Atjeh (RALAS). Midden 2006 waren amper 2.608 eigendomstitels uitgereikt.

5.In november 2006 waren 48.000 huizen gebouwd in Atjeh terwijl het uiteindelijke doel 128.000 is.

6.Er wonen 70.000 mensen in ongeveer 150 tijdelijke kampen over heel Atjeh.

PDF - 120.5 kB
Rapport landrights